Windesheim

Windesheim
Posts tonen met het label Afstandsonderwijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Afstandsonderwijs. Alle posts tonen

woensdag 8 april 2020

Lezen en schrijven in tijden van Corona: Een blog voor leraren

Bij deze blog hoort een blog voor ouders.  


Wat leren we veel
Wat hebben we als leraren afgelopen weken veel geleerd. We werken met Microsoft Teams alsof we nooit anders hebben gedaan. Er gaat veel mis, maar dat geeft niet, want voor iedereen is dit een eerste kennismaking met online lesgeven. En natuurlijk horen we van leraren over hun ervaringen met hùn klassen. Ook daarvan leren we. Bijvoorbeeld dat het allerbelangrijkste in deze tijd is dàt je contact legt met leerlingen, dat ze het vertrouwde gezicht van hun leerkracht zien en de lege klas. Wat een zorg om al die leerlingen die niet bereikbaar zijn omdat ze geen devices hebben of geen WIFI. Wat we ook zien, is dat online werken veel beter gaat als er al een online routine bestaat. Eén van onze e-learning-studenten in Thailand die de leerroute Expert taal/dyslexie volgt, werkt bijvoorbeeld altijd al met een digitaal portfolio (Seesaw) en dat gaat nu gewoon verder. Om mee te nemen naar de toekomst: laten we e-learning een vaste plaats geven in onze klassen. Leerlingen kunnen hun werk vanaf nu verzamelen in digitale portfolio's, met zieke leerlingen kunnen we contact leggen met Teams of Google classroom. En minimaal één van de jaarlijkse studiedagen gaat worden ingevuld met het experimenteren met online tools met de collega's, maar ook met de leerlingen die thuis zijn. En dan graag met een beperkt aantal tools, want wat we ook leren is dat het aantal e-learning tips dat over ons wordt uitgestort, duizelingwekkend is. En ook niet altijd even zinvol. Dat blijkt wel uit deze mooie post van Stefan Gijsbertsen op Linkedin (3 april 2020):
  
"Ik schrik een beetje van de 'ondersteuning' vanuit de onderwijskundige hoek op diverse social media. Het edi-model (model directe instructie EvK)heeft inmiddels ook een thuisonderwijs variant blijkbaar. De vragen waarop antwoorden worden gevonden is toch weer in de categorie van controle, grip op het leren, behalen van doelen. Ik zie het met lede ogen aan. Wellicht kunnen we deze tijd benutten om te experimenteren met de idee dat het pedagogische proces zich niet laat grijpen. Meer dan ooit worden we geconfronteerd met het feit dat een leerling ten diepste een kind is. In filosofische zin een subject in plaats van een object. Iemand die zelf keuzes maakt. Daarom mag de focus wat mij betreft liggen op wat je geeft, en minder op wat dat op zou moeten leveren. Dus een oproep aan alle meesters en juffen: jullie kennen jullie leerlingen heel goed. Geef wat je denkt dat ze nodig hebben (mail, bel, stuur een kaart, spreek aan, schud wakker) ...en dan maar hopen. Hopen dat de ander aan kan nemen wat je geeft. Deze crisis levert dan misschien op dat we inzien dat onderwijs geven wederkerig is. Je hebt de andere (ontvangende) partij nodig om samen verder te komen."

Deze schrijver heeft gelijk. We zien hoe in Corona-tijden het invullen van lesjes in werkboeken hoogtij viert. En dat er heel veel instructiefilmpjes worden gemaakt om ouders te ondersteunen bij het geven van uitleg bij die lesjes. En dat ouders die instructie lang niet altijd begrijpen omdat ze nu eenmaal niet zo goed op de hoogte zijn van de geheimtaal die er bestaat tussen educatieve uitgevers en leraren. Het is maar de vraag hoeveel je als leerling leert van het relatief zelfstandig invullen van werkboekjes en methode-software. Waarschijnlijk niet zoveel (Allington & Gabriel, 2012; Cheung & Slavin, 2012; OECD, 2015). En hoe gemotiveerd je raakt van het thuis oefenen van de persoonsvorm.

Maar gelukkig gebeuren er ook mooie dingen. Er worden heel veel voorleesfilmpjes opgenomen waar kinderen lekker thuis naar kunnen luisteren. En een mbo-leraar heeft eindeloos boeken in enveloppen gestopt om ze naar haar studenten te sturen. Logisch dat er in het begin van Corona-crisis vooral met werkbladen werd gewerkt. Laten we vanaf nu als het gaat om taal overstappen op Corona-lezen en Corona-schrijven en de leesstrategieën en de spellingregels even laten voor wat ze zijn.      

Corona-lezen en Corona-schrijven
We staan niet alleen in ons pleidooi. Er zijn al veel tips voor ouders (zie deze prachtige blog op duurzaamonderwijs.nl of de lijst met tips verzameld door Joanneke Prenger (SLO) waar lezen en schrijven aandacht heeft. Maar we horen ook de zorg van leraren dat ze weinig zicht hebben op wat leerlingen doen als ze lezen (en schrijven). Bij werkboeken en software zijn instructie en output duidelijk, bij lezen en schrijven niet.   

1. Voorlezen en lezen zijn belangrijk voor taalontwikkeling    
Veel ouders denken dat het maken van werkbladen, het oefenen met oefensoftware en het snel lezen van woordrijen de belangrijkste onderdelen zijn van het taalonderwijs. Vertel ze dat het niet erg is om deze dingen een dagje over te slaan als het even niet lukt. En dat het meer impact heeft op de resultaten van hun kind als ze gaan voorlezen of hun kind motiveren tot zelf lezen (zie de blog voor ouders). Vertel ze hoe zinvol het is voor de woordenschat, het begrip en de leesvaardigheid van leerlingen om iedere dag minimaal 20 minuten voor te lezen en een kind iedere dag minimaal 30 minuten zelf te laten lezen (of luisteren naar een luisterboek). Vraag ouders om samen met hun kinderen een lijstje te maken van de boeken die gelezen worden. Ze kunnen bij ieder boek schrijven of hun kind dat wel of niet de moeite waard vond en waarom. 

2. Voor ieder kind een boek 
Zorg ervoor dat ieder kind de beschikking heeft over boeken. Zorg voor een uitleensysteem van papieren boeken via school. De openbare bibliotheek heeft het aanbod aan luisterboeken dat online via luisterbieb geleend kan worden flink uitgebreid. Daarvoor is het niet nodig dat je lid bent van de bibliotheek. Voor kinderen tot 18 jaar is dat lidmaatschap overigens gratis. Voor wie lid is van de openbare bibliotheek zijn ook e-boeken te leen, en inmiddels zijn er tot 10 mei ook boeken te leen als je geen lid bent via de thuisbieb app. Op de sites jeugdbibliotheek.nl (voor alle leeftijden) of leesbevorderingindeklas.nl (voor de bovenbouw van het basisonderwijs) kunnen ouders ideeën opdoen voor het ondersteunen van de boekkeuze van hun kind(eren). Ze kunnen er bijvoorbeeld zoeken op thema, of zoeken naar series die aansluiten bij de interesses van hun kind(eren).

2. Als leraar voorlezen
Ga verder met het boek dat je toch al aan het voorlezen was in de klas. Neem geluidsbestanden op met je mobiele telefoon of filmpjes (bijvoorbeeld via Teams) en stuur die naar ouders. Of zet ze op de site van de school. Zo kunnen leerlingen naar een door jou voorgelezen boek luisteren. Als leerkracht van de kleuters en van groep 3 kun je prentenboeken scannen en die via Microsoft Teams voorlezen. Uit de leesboekjes van groep 3 kun je ook voorlezen, zodat leerlingen iedere dag een pagina herhaald kunnen lezen. Ze luisteren naar jouw stem, lezen mee en lezen de bladzijde na een tijdje oefenen, zelf.

3. Gebruik maken van luisterboeken
Vertel ouders dat het luisteren naar luisterboeken net zo zinvol is als het lezen van boeken. Stimuleer ze om de app luisterbieb te gaan gebruiken. Je mag lekker alleen luisteren, je hoeft niet mee te lezen. Dat laatste kan weer wel met Yoleo (gratis te gebruiken als je lid bent van de bibliotheek). Internet staat vol met digitale prentenboeken (via Bereslim of gewoon via Youtube). Ook daarvan kan gemakkelijk een linkje naar huis.  

4. Denken over lezen
Hoe houd je er zicht op of leerlingen ook echt lezen? Gebruik Skype of Teams om iedere dag tien minuten met een groepje van zo'n vijf leerlingen in gesprek te gaan over de boeken die ze lezen. Laat ze vertellen welk boek ze lezen en vertel welk boek je zelf leest. Om te voorkomen dat het gesprek tot een verzameling korte boekpresentaties verwordt, kun je praten aan de hand van een stelling (zie hieronder (Van Koeven & Adamsky, 2016)).
Je kunt ook gebruik maken van padlet.com om met leerlingen te communiceren over hun boek. Dat gaat heel eenvoudig (zie deze blog).

*Maak met padlet een foto van de kaft van je boek.
*Schrijf op welke persoon in je boek je nooit zou willen zijn en waarom niet.
*Neem een filmpje op (door op de drie puntjes te klikken en dan op camera) waarin je vertelt wat je voelt bij je boek (krijg je er kippevel van, moet je lachen of juist huilen), leg uit waarom.
*Maak met padlet een foto van iets waarvan jij vindt dat het past bij je boek.

Als je ervoor kiest dat leerlingen op elkaar kunnen reageren, geef je ze bijvoorbeeld de volgende opdrachten:
*Vertel van de boeken van drie andere kinderen of je die ook zou willen lezen. Waarom wel of niet.
*Van welk boek van één van de andere kinderen denk je dat het op jouw boek lijkt en waarom?

Je kunt ook via Socrative, Kahoot of Quizlet met de stellingen werken. 

5. Teksten schrijven loont 
Van schrijven komt het niet altijd op school. De Corona-crisis is een mooie manier om daar een start mee te maken. Het zelf schrijven van teksten helpt leerlingen verder met taal. Schrijven kan op allerlei manieren.

*Zo kunnen leerlingen in een mooi versierd schrift een 'writers notebook' bijhouden (kijk voor voorbeelden op internet)
*Laat ze digitaal een logboek bijhouden waarin ze vertellen wat ze iedere dag meemaken of waarin ze vertellen over de Corona-crisis
*Spreek een filmpje in waarin je vertelt over waarom en hoe de Nieuwsbegriptekst of het jeugdjournaalitem van die week jou aan het denken zette. Vertel over het filmpje en de tekst en lees de tekst in het filmpje voor. Vraag de leerlingen dan het filmpje te bekijken en de tekst te lezen. Bedenk er een mooie schrijfopdracht bij: Schrijf een brief aan... Maak een krantenbericht over... Vertel wat jij zou doen als dat jou zou overkomen... 

Leerlingen kunnen hun teksten of foto's daarvan plaatsen in een padlet, op een besloten facebookpagina, in een blog (bijvoorbeeld via blogger) of via een andere tool. Als leraar kun je reageren op de bijdragen van leerlingen en feedback geven. De teksten van de leerlingen kunnen ook een mooi uitgangspunt zijn om verder in te gaan op spelling en zinsbouw.

Op naar prachtig onderwijs
Laten we deze Corona-tijden gebruiken om na te denken over echt goed taal- en leesonderwijs en laten we daar straks -als alles weer gewoon is- mee verder gaan. Als we alle denkkracht die er nu is, straks ook blijven gebruiken, zijn we op weg naar prachtig onderwijs.

vrijdag 20 maart 2020

Lezen en schrijven in tijden van Corona. Een blog voor ouders.

In deze blog maken we gebruik van een eerdere blog over lezen in de zomervakantie. 

Thuisonderwijs: boeken lezen en schrijven
Het is nog maar een eerste week dat alle scholen dicht zijn vanwege de Corona-crisis, maar het lijkt erop dat het online leren een enorme boost krijgt. Via social media worden volop handige tips en links gedeeld en leraren in alle onderwijsniveaus zijn aan het uitproberen hoe ze online kunnen lesgeven. Daarbij zijn ze afhankelijk van ouders die handen tekort komen om thuis het ene kind op weg helpen met rekensoftware en het andere met een taallesje.

Hoewel kinderen waarschijnlijk de eerste paar dagen nog blij met hun werkboeken, werkbladen, tablets of laptops aan de keukentafel zitten, is het misschien niet zo eenvoudig om hen te blijven motiveren voor het invullen van oefeningen en voor het lezen van werkbladen met woordrijen. Goed nieuws: er zijn twee dingen waarvan we zeker weten dat ze effect hebben op het leren en op de taal/leesontwikkeling: het (voor)lezen van boeken en het schrijven van teksten. Ook wij wagen ons hier aan tips, in navolging van deze prachtige blog op duurzaamonderwijs.nl en de lijst met tips verzameld door Joanneke Prenger (SLO).

Als de oefeningen in werkboekjes of op de computer je kind te veel worden: ga dan (voor)lezen of maak samen teksten. Realiseer je dat je daarmee grote impact hebt op de taalontwikkeling van je kind. Lezen, voorlezen en schrijven hebben uiteraard ook veel meer effect op de taalontwikkeling dan televisie kijken, gamen of netflix. Bovendien kunnen lezen, voorlezen en schrijven ook ontspannend zijn.

1. Zorg ervoor dat je boeken in huis haalt die passen bij jouw kind  
Als ouder ken je je kind beter dan wie ook. De beschikbare boeken ken je misschien minder goed maar een goede boekhandel kan je prima helpen bij het kiezen. Op de sites jeugdbibliotheek.nl (voor alle leeftijden) of leesbevorderingindeklas.nl (voor de bovenbouw van het basisonderwijs) kun je ideeën opdoen. De openbare bibliotheek heeft het aanbod aan luisterboeken dat online via luisterbieb geleend kan worden flink uitgebreid. Daarvoor is het niet nodig dat je lid bent van de bibliotheek.  Voor wie wel lid is van de bibliotheek zijn ook e-boeken te leen. Voor kinderen tot 18 jaar is dat lidmaatschap overigens gratis.

2. Lees voor
Kies een boek dat geschikt is om voor te lezen (zie de tips op leesbevorderingindeklas.nl) of vraag advies in de bibliotheek of de boekhandel. Zorg voor een boek dat past bij je kind en bij jou. Lees je aan één kind voor, dan mag het voorleesboek best een beetje moeilijker zijn dat wat een kind zelf kan lezen. Wil je meer kinderen van verschillende leeftijden tegelijk voorlezen:

-kies dan voor verhalen waar oudere en jongere kinderen een rol in spelen (denk aan de voorleesboeken over Sil, Geerten en Mare van Selma Noort)
-kies voor fantasie-verhalen zoals de Gorgels (Jochem Meijer), Dolfje Weerwolfje (Paul van Loon) of Dummie de Mummie (Tosca Menten), natuurlijk Lampje (Annet Schaap) of de boeken van Roald Dahl. Fantasieverhalen zijn minder leeftijdgebonden dan bijvoorbeeld 'schoolverhalen'.
-kies een serie om uit voor te lezen. Kinderen voor wie een boek eigenlijk nog te moeilijk is, kunnen er vaak toch van genieten, omdat ze langere tijd de kans hebben om in het verhaal te raken.

Als je het juiste boek of de juiste serie hebt gevonden, start dan met voorlezen. Iedere dag minimaal 20 minuten, het liefst langer en meermaals op een dag. Geniet samen van het verhaal en als de kinderen de volgende dag naar een andere ouder gaan, geef het boek dan mee. Niet het aantal voorgelezen bladzijden, maar gezamenlijk leesplezier staat centraal! Heb je oudere en jongere kinderen thuis, laat de oudere kinderen dan af en toe een stukje voorlezen aan de jongere.

3. Motiveer je kind om zelf te lezen
Probeer je kind te motiveren om iedere dag zelf te lezen. Met jouw kennis van je kind en sites als jeugdbibliotheek.nl heb je een grote kans om precies die boeken of series te vinden die fantastisch zijn voor je kind. Op jeugdbibliotheek.nl kun je op onderwerp of op serie zoeken. Je hoeft bij het kiezen van boeken om zelf te lezen vanaf groep drie geen rekening meer te houden met het AVI-niveau van boeken, maar natuurlijk wel een beetje met de leeftijd van je kind. Probeer boeken te lenen van vrienden of van school of kijk of een boek bij de openbare bibliotheek beschikbaar is als e-book. Als je kind is gestart in een boek en het valt tegen, bespreek dan waarom en kies samen met het kind één van de andere geleende boeken. Houd samen met je kind een lijst bij van de boeken die met plezier gelezen zijn en noteer ook de boeken die tegenvielen.

4. Motiveer je kind om luisterboeken te beluisteren 
Is je kind minder gemotiveerd voor lezen of is het moe van de hele nieuwe situatie die rond de Corona-crisis is ontstaan? Ben je zelf moe van het lesgeven? Laat je kind lekker luisterboeken luisteren. Die zijn gratis te leen via de luisterbieb-app. Juist ook luisterboeken zorgen voor een grotere woordenschat, voor meer leesbegrip en zelfs voor toename van de leesvaardigheid. Kinderen die luisteren naar boeken hoeven niet mee te lezen. Ze mogen gewoon lekker luisteren. Ze kunnen ook gratis luisteren via Yoleo.

5. Theaterlezen
Theaterlezen is heel geschikt als je meerdere kinderen in huis hebt, ook van enigszins verschillende leeftijd. Dit kun je doen met speciale boeken die daarvoor zijn gemaakt, maar je kinderen kunnen vanuit een favoriet boek, met een beetje ondersteuning van jou, ook een stukje script schrijven (dit is het uitgeschreven gesprek van de karakters in het boek). Zij oefenen dan niet alleen het lezen, maar ook het schrijven. En dat allemaal om tot een mooie gelezen uitvoering van het script te komen, waarbij zij zich inleven in de karakters. Het gaat daarbij puur om het gelezen gesprek, er zijn verder geen theater spullen of verkleedkleren bij nodig. Het is heel erg leuk om de uiteindelijke 'uitvoering' te plannen en ook op te nemen op video met behulp van de mobiele telefoon. En dan te sturen naar grootouders of andere familieleden.

6. Als lezen moeilijk is: voorlezen plus...  
Als je kind in groep 3 of 4 zit, als lezen moeilijk is en je wilt graag hulp bieden, dan kan dat op de volgende manier. Je kiest een boek waar het kind enthousiast over is (kies op leeftijd, niet op AVI-niveau) en je gaat voorlezen. Op ieder moment waarop dat maar mogelijk is: 's avonds voor het slapengaan, op verschillende momenten overdag. En dan, beetje bij beetje, en heel voorzichtig, eens vragen of je kind, nadat jij het gelezen hebt, ook eens een klein stukje wil lezen. 'Hier staat toch zoiets geks (of zo'n gek woordje): moet je zien, ik lees het even.. En nou jij, durf je dat? :-) '. Als je hetzelfde woord of dezelfde uitdrukking weer tegen komt in het boek laat je dat je kind weer even lezen. Daarom is het natuurlijk handig om iets te kiezen (een woordje of een uitdrukking) dat veel voorkomt in je boek.

Een tijd lang doe je dat zo. Vraag niet te snel aan je kind om meer te lezen, zet het niet onder druk. Als je kind wat vrijer wordt met lezen, kun je af en toe vragen om een ander grappig woord of een andere grappige uitdrukking te lezen. Of de laatste zin van iedere bladzij. Waar nodig zeg je het gewoon even voor, of zeg je een paar letters voor of lees je zachtjes mee. Zorg in ieder geval dat je kind nooit hoeft te worstelen en let op wat hij prettig/onprettig vindt. Het samen beleven van plezier is essentieel. Schakel terug naar gewoon voorlezen als je toch druk ziet ontstaan bij je kind.

Maak er een gewoonte van om te stoppen met voorlezen op het moment dat jullie heel erg nieuwsgierig zijn naar het vervolg. Veel kinderboeken (denk bijvoorbeeld aan Dolfje Weerwolfje) hebben goede cliffhangers waardoor er veel van dit soort nieuwsgierige momenten zijn. Als je al meer dan een week (of langer) voorleest in het boek en je kind erg nieuwsgierig wordt (en niet wil dat je stopt met lezen), kun je het aanbieden dat het een klein stukje zelf verder mag lezen (al dan niet samen met jou) zodat het er achter kunt komen wat er gebeurt. Als je kind alleen verder leest, zeg je er gewoon op een lachende manier bij dat het niet te ver mag lezen, want dat jij anders niet meer weet wat er gebeurt. Natuurlijk meen je dat niet en is het de bedoeling om op een grappige manier een beetje uit te dagen. 'Wat??? Heb je zo ver gelezen?? En ik dan?? Ik wil ook weten wat er gebeurt...'

Op deze manier probeer je uiteindelijk, soms pas na meerdere weken, je kind te 'lanceren' in een boek dat het erg mooi vindt, zodat het uiteindelijk steeds meer zelf begint te lezen. Leesplezier blijft hier steeds het uitgangspunt. Als dat er niet is, doe je er alles aan om het wel tot stand te brengen. Een ander boek, andere momenten van de dag, luisterboeken, een stukje film van een boek waarna je het boek gaat voorlezen, iemand anders die voorleest, ..... Ergens zijn ook voor jouw kind een boek en een voorleessituatie die het verschil zullen maken! En wie weet, kan dat juist nu gebeuren, en dan levert deze periode jullie iets heel moois op.

7. Ga teksten schrijven
Het zelf schrijven van teksten helpt je kind ook verder met taal. Koop een mooi schrift en vertel dat jullie een 'writers notebook' (een mooi versierd schrijfboek) gaan maken. Bekijk op internet hoe zo'n notebook eruit kan zien. Spreek met je kind af dat het elke dag iets in het notebook gaat schrijven. Natuurlijk kan zo'n notebook ook een wordbestand zijn. Je kunt er ook voor kiezen om samen met je kind een tijdschrift te maken, bijvoorbeeld via de gratis app jilster. Kleuters kunnen ook al heel goed schrijven. Vaak kiezen ze voor een combinatie van tekeningen en zelfbedachte woorden. In een notebook kun je alles schrijven wat je maar wilt: gedichtjes, verhalen, krantenberichten... Als je het iets gestructureerder wilt, heb je misschien iets aan de volgende ideeën:

-Spreek met je kind af dat het een logboek gaat bijhouden van de corona-crisis. Iedere dag doet het verslag van de ontwikkelingen. Het kan gebruik maken van krantenberichten en berichten op internet. Het kan ook een prikbord maken via padlet.com. Daar kan weer een mooie pdf van gemaakt worden.
-Spreek met je kind af dat jullie samen een dagboek gaan bijhouden. Iedere dag schrijft je kind een dagboektekstje over wat er gebeurd is die dag en over hoe het zich voelde. Iedere avond schrijf je als ouder een reactie. De volgende dag kan je kind weer op jou reageren en een nieuwe tekst schrijven.
-Voor de poes of een ander huisdier is nu ook alles anders. Vertel je kind dat jullie alles wat er gebeurt door de ogen van de poes of de hamster gaan bekijken en dat jullie elke dag een stukje gaan schrijven.
-Bespreek met je kind dat oma in deze crisis heel veel alleen is. Laat je kind iedere dag iets schrijven over de dag en verstuur de teksten digitaal of per post naar oma.
-Laat je kind schrijven over het boek dat het aan het lezen is. Het kan een interview maken met een persoon naar keuze. Het kan beschrijven waarom het vindt dat één van de personages in het boek op hem of haar lijkt of juist niet.

Vanaf groep 4 is het goed om teksten eerst in klad te schrijven en dan nog eens kritisch te bekijken. Eerst kijk je natuurlijk naar de inhoud van de tekst. Daarbij is het belangrijk je kind te prijzen om zijn ideeën en samen na te denken of het nog mooier kan. Omdat de tekst naar oma gaat of ook door anderen wordt gelezen, is het natuurlijk belangrijk dat er geen spelfouten in staan. Bespreek de eventuele fouten in de tekst en bekijk hoe het beter kan.         

8. Radiolezen/Televisielezen
Kies met je kind uit zijn/haar zelfgeschreven teksten. Oefen samen met hem of haar het mooi voorlezen van de zelf geschreven tekst en maak er vervolgens een geluids- of video-opname van met je mobiele telefoon. Die kan dan eventueel weer gedeeld worden met grootouders en andere familie of met de leraar op school. Uiteraard bekijk/beluister je de opname ook zelf met je kind om samen trots te zijn op het resultaat.

Plezier
De scholen zijn zeker drie weken dicht en misschien langer. Zorg dat je plezier hebt in het leren samen met je kinderen.